Proost Christen - Afl. 13

door Kolonel W. Potuyt

 

Ook de vorige aflevering leverde weer veel reacties op.

Een paar bezoekers van onze site vroegen om een nadere uitwerking van de historie en de juistheid van de Bijbel.

Daarom in deze aflevering wat meer duidelijkheid over het tot stand komen van het Oude Testament.

 

 

Lang niet iedereen beseft dat de boeken van het Oude Testament op een veel later tijdstip op schrift werden gesteld, dan de daarin vermelde gebeurtenissen plaatsvonden.

 

Algemeen is wel bekend, dat de eerste vijf boeken van de Bijbel bekend staan als de boeken van Mozes. Aan het eind van die vijf boeken staat bijv. zijn dood vermeld. Dit kan hij dus nooit zelf zo geschreven hebben. Deze gebeurtenis moet dan ook door zijn opvolger, Jozua, zijn overgeleverd.

 

De boeken van het Oude Testament zijn pas op schrift gesteld in de tijd dat het volk van Israël in Babylonische ballingschap leefde.

Tot op die tijd hadden de priesters en de rabbijnen alles steeds woord voor woord mondeling aan elkaar overgedragen.

En dat gebeurde met de grootste nauwkeurigheid. Er waren daartoe speciale luisteraars, die erop getraind waren om te controleren of wat de ene priester zei op geen enkele manier afweek van wat een andere priester had gezegd.

 

Uiteraard stonden de Tien Geboden wel op schrift, namelijk op de twee stenen tafelen.

Pas aan Babels stromen ontstonden dus de eerste Schriftrollen met de volledige, overgeleverde tekst.

Ook dat schrijfwerk werd met de grootste nauwkeurigheid verricht, waarbij letter voor letter werd gecontroleerd.

Daarbij werd toen al gebruik gemaakt van het zogenaamde “Jatje”

zodat de tekst niet met de vingers werd aangeraakt.

 

 

Goed om te weten, is dat bij het overschrijven van de rollen er speciale controleurs werden aangesteld, die alle lettertekens telden en weer anderen, die alle letters met elkaar vergeleken.

Op deze manier ontstonden dus uiterst nauwkeurige afschriften van de allereerste boekrollen.

 

Daarnaast is er nog een ander belangrijk en gezaghebbend Joods werk ontstaan, namelijk de TALMOED.

Dat is een samenvattende verzameling Joodse onderzoekingen, die betrekking hebben op het Oude Testament.

 

De oude Bijbelboeken waren namelijk het onderwerp van veel studie door de Schriftgeleerden en rabbijnen. Ook de resultaten van al die onderzoeken werden eerst nog mondeling doorgegeven. Die mondelinge overlevering werd de MIDRASJ genoemd.

 

Toen deze Midrasj later op schrift werd gesteld, ontstonden er twee belangrijke geschriften, namelijk de MISJNA en de GEMARA waarna deze geschriften werden samengevoegd tot de TALMOED.

 

 

In de Talmoed vinden we de hele Oud Testamentische geschiedenis van Israël en heel veel achtergrondinformatie, welke voornamelijk betrekking heeft op de vele geboden en voorschriften.

 

Daaruit puttend schreef ik in aflevering 4 van deze serie reeds over het (onmogelijke) gebruik van alcohol door Jezus Christus bij de instelling van het Heilig Avondmaal.

 

In de Talmoed staat namelijk duidelijk geformuleerd:

                             “Bij de broodmaaltijd drinke men gekookte wijn !”

Zie deel II op pag. 477 van de Talmoedvertaling van Kitto.

 

Duizenden jaren van grondig Schriftonderzoek geven dus aan, dat er bij een broodmaaltijd op geen enkele manier alcohol aan te pas komt, omdat door het koken de alcohol verdampt en er een zoete, alcoholvrije drank ontstaat.

 

Dat maakt het toch echt onaanvaardbaar, dat de kerkelijke leer ons wil doen geloven, dat de Heer Jezus bij het Pascha alcoholhoudende drank liet rondgaan onder Zijn discipelen.

 

 

En dan nog even dit … Waarom drinken mensen alcohol … ?

In de veelheid van redenen daarvoor zijn dit wel de belangrijkste:

Vluchten in een roes en Voor een ogenblik de ellende vergeten !

 

Dat staat toch wel in schrille tegenstelling tot het Woord van Christus, als Hij zegt: “Doet dit tot mijn gedachtenis !”

Wat men gebruikt om te kunnen vergeten kan toch immers nooit dienen om iets te gedenken of te herinneren.

 

Zo de Heer het wil, hoop ik volgende maand weer een aantal teksten uit het Nieuwe Testament met u door te nemen.

Tot zolang wens ik u allen Gods onmisbare Zegen en Genade.

 

 

 


 

© Kolonel W. Potuyt