Proost Christen - Afl. 9

door Kolonel W. Potuyt

In de eerste plaats natuurlijk weer een woord van dank voor de vele reacties, die ook deze maand weer bij ons binnenkwamen.

Vooral de teksten uit Spreuken 23:29 t/m 35 bleken voor velen een regelrechte “eye-opener” te zijn.

Uit èèn van die reacties geef ik u het volgende door: “Wat mij betreft, kunt u nu rustig stoppen met deze serie. Wie het nu nog niet begrepen heeft, wil het gewoon niet begrijpen !”

 

Omdat het velen echter nog steeds niet duidelijk blijkt te zijn, gaan we deze keer dus weer een aantal Bijbelteksten bezien.

 

 

Spreuken 31:4 t/m 7

(4) Het komt de koningen niet toe, o, Lemuël ! het komt de koningen niet toe wijn te drinken, en de prinsen sterke drank te begeren;

(5) Opdat hij niet drinke en het gezette vergete, en de rechtzaak van alle verdrukten verandere.

(6) Geeft sterke drank degene, die verloren gaat en wijn degenen, die bitterlijk bedroefd van ziel zijn;

(7) Dat hij drinke en zijn armoede vergete, en zijner moeite niet meer gedenke.

Teksten die vaak tot pittige discussies hebben geleid … Het vreemde is, dat door voorstanders van alcoholgebruik wel de laatste twee teksten worden gebruikt, maar de eerste twee niet.

(4/5) Elk mens, die geroepen is om het recht uit te oefenen, dus macht over een ander gekregen heeft, moet van de drank afblijven. Immers: “Als de drank is in de man, is de wijsheid in de kan !”

(6/7) Deze teksten zijn geen vrijbrief om wijn of sterke drank uit te delen, maar geven iets geheel anders aan.

In de tijd, waarin Salomo deze woorden schreef was er nog geen sprake van een echte medische wetenschap en er waren dus ook nog geen middelen beschikbaar ter bestrijding van pijn en depressies.

Zowel in vredestijd als in menige oorlog kon men alleen gebruik maken van de verdovende werking van alcohol.

Let goed op de woorden “opdat hij vergete” in deze teksten, in tegenstelling tot de woorden van de Heiland als hij bij het Laatste Avondmaal de beker laat rondgaan “ter gedachtenis.”

 

 

Prediker 2:3 (en 11)

(3) Ik heb in mijn hart nagespeurd, om mijn vlees op te houden in de wijn (nochtans leidende mijn hart in wijsheid); (11) Ziet, het was al ijdelheid en kwelling des geestes, en daarin was geen voordeel onder de zon.

Salomo vertelt in dit gedeelte iets over zijn ontdekkingstocht, waarbij hij wilde onderzoeken welke invloed sommige zaken op het leven hebben. Zijn uitkomst wordt duidelijk weergegeven: ijdelheid, kwelling en geen enkel winstpunt voor de mens.

 

Prediker 9:7

Gaat dan heen, eet uw brood met vreugde, en drink uw wijn van goeder harte; want God heeft alrede behagen aan uw werken.

En opnieuw een tekst, die door voorstanders van alcoholgebruik wordt aangehaald om hun gelijk te krijgen.

Maar … gezien de hele opstelling van Salomo tegen wijn en sterke drank, is het zeer onlogisch om hier een aanbeveling voor alcohol in   te zien.

 

Prediker 10:17 t/m 19

(17) Welgelukzalig zijt gij, land ! welks koning een zoon der delen is, en welks vorsten ter rechter tijd eten, tot sterkte en niet tot drinkerij.

(18) Door grote luiheid verzwakt het gebint, en door slapheid der handen wordt het huis doorlekkende.

(19) Men maakt maaltijden om te lachen en de wijn verheugt de levenden, en het geld verantwoordt alles.

(17) Het doel van de maaltijd is om daaruit nieuwe krachten op te doen en dus niet om er een drankfeest van te maken.

(18) Salomo gebruikt hier een schitterende beeldspraak om de  verschillende lichaamsdelen aan te geven. (In Prediker 12:1 t/m 7 vindt u daarvan ook een paar prachtige voorbeelden.) Hier geeft de Prediker dus aan, dat door “drinkerij” het lichaam totaal verzwakt.

(19) Maaltijden om te lachen, om vrolijk te stemmen. Hoeveel lunches en diners worden er in het zakenleven besprenkeld met alcohol om de afnemer of leverancier vrolijk te stemmen. En het slot van deze tekst maakt een spreekwoord uit onze tijd duidelijk: “Geld, dat stom is, maakt recht, wat krom is !”

 

Jesaja 5:21

Wee degenen, die in hun ogen wijs, en bij zichzelve verstandig zijn.

Dat simpele woordje “Wee” uit Gods mond betekent vaak een vermaning of een waarschuwing en soms zelfs een vervloeking. Hij spreekt dan Zijn “Wee” over iemand uit.

 

Jesaja 5:11

Wee, degenen, die zich vroeg opmakende in de morgenstond, sterke drank najagen en vertoeven tot in de schemering, totdat de wijn hen heeft verhit.

Dat “zich vroeg opmakende” slaat natuurlijk niet op het gebruik van make-up, maar wel op een vroeg beginnen met het zoeken van genot. Talloze alcoholisten hebben ’s morgens vroeg alweer alcohol nodig om de kater van de vorige dag weg te spoelen.

En dit zeg ik dan (helaas) uit persoonlijke ervaring. Toch mag ik vanuit mijn geloof zeggen, dat bij God alles mogelijk is. Voor mijn eigen leven breng ik dat vaak zo onder woorden: “Van alcoholist tot Evangelist !”

Wie door de drank gegrepen is, gaat dikwijls door van de vroege ochtend tot de late avond, waardoor de gemoederen verhit worden.

U zegt, dat dit u niet zal overkomen, kan ik slechts deze waarschuwing mee geven: “Wie staat, zie toe dat hij niet valle !”

 

 

De volgende maand hoop ik weer een aantal Bijbelteksten met u onder de loep te nemen.

Tot zolang Gods onmisbare zegen toegewenst.

 

 


 

© Kolonel W. Potuyt