Proost Christen - Afl. 8

door Kolonel W. Potuyt

Het is ronduit bemoedigend te ervaren, dat deze serie artikelen zoveel fijne en positieve reacties oplevert.

Eèn bijzondere reactie wil ik u niet onthouden. Er kwam een jonge man naar mijn kantoor en vroeg mij even te spreken. Hij haalde uit zijn rugzak een plastic zakje tevoorschijn, wat hij mij overhandigde.

Het bleek een behoorlijk bedrag te bevatten en hij vertelde mij dat dit het geld was, dat hij in de afgelopen maanden niet aan de drank had besteed en hij is zeker van plan om zonder alcohol verder te gaan.
Dank daarvoor aan onze Hemelse Vader …

 

Uit de cijfers die onze webmaster regelmatig voor ons bijhoudt, blijkt dat het bezoek aan dit onderdeel van onze contactsite nog steeds groeit. Dat geeft moed om door te gaan met deze serie, ook al zijn er natuurlijk een aantal negatieve reacties.

 

Ook deze maand gaan we weer een aantal Bijbelteksten  bestuderen …

En zoals ik vorige maand ook schreef, natuurlijk zijn uw reacties van harte welkom en zijn wij ook graag bereid om u te adviseren, als uzelf met een alcoholprobleem worstelt.

 

 

Psalm 36:8/9

Hoe dierbaar is Uw goedertierenheid, o God !

Dies de mensenkinderen onder de schaduw Uwer vleugelen toevlucht nemen. Zij worden dronken van de vettigheids Uws huizes; en Gij drenkt hen uit de beek Uwer wellusten.

Deze lofpsalm doet ons denken aan Psalm 91:1 waar we lezen: Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen.

Het dronken zijn in deze psalm leert ons “in een geestvervoering” te zijn, die de mens vrolijker maakt dan welk beneveld alcoholgebruik dan ook.

 

Psalm 69:13

Die in de poort zitten, klappen van mij; en ik ben een snarenspel dergenen, die sterke drank drinken.

Hier is het ‘klappen’ geen vorm van applaus of bijval. Hier krijgen we te maken met de roddel en achterklap, waarbij het ‘snarenspel, ofwel de lasterpraatjes van de alcoholgebruikende mens er uitsluitend op gericht zijn om ons te beschadigen.

Hoeveel verdriet is er in de wereld al aangericht door het geklets van benevelde lieden. Waak er als Christen dus voor, dat u daar beslist niet in mee moet gaan.

 

 

Psalm 75:8/9

Maar God is Rechter; Hij vernedert dezen, en verhoogt genen.

Want in des Heeren hand is een beker, en de wijn is beroerd, vol van mengeling, en Hij schenkt daaruit; doch alle goddelozen der aarde zullen zijn droesemen uitzuigende drinken.

Met deze gemengde, troebele wijn (vol droesem) wordt hier de Toorn Gods vergeleken.

En de goddeloze zal deze beker van Zijn toorn tot op de bodem moeten nuttigen. Ook hier blijkt, dat God geen half werk doet !

 

Spreuken 20:1

De wijn is een spotter, de sterke drank is woelachtig; al wie daarin dwaalt, zal niet wijs zijn.

Met deze tekst is in wezen alles gezegd, wat er over dit onderwerp te zeggen valt. Gods Woord betitelt de mens, die zich overgeeft aan de alcohol als: niet wijs wat ook vertaald kan worden als: onwijs

Wie deze tekst goed op zich laat inwerken, zal zeker nooit meet beweren, dat de Heer Jezus in Kana 480 liter alcoholhoudende wijn heeft geproduceerd.

 

 

Spreuken 21:17

Die blijdschap lief heeft, die zal gebrek lijden; die wijn en olie liefheeft, zal niet rijk worden.

Wie zijn blijdschap in de wereld zoekt, zal zeker gebrek lijden, want het werelds vertier slokt alleen je geld op en is van voorbijgaande aard.

Wijn en olie zijn de tekenen van overdaad en wie dat najaagt stort zichzelf (en de zijnen) in diepe armoede.

Wat dat betreft is het versje van “Ach, vaderlief, toe drink niet meer” zo gek nog niet.

 

Spreuken 23:20/21

Zijt niet onder de wijnzuipers, noch onder de vleesvreters; want een zuiper en vraat zullen arm worden …

De ‘zuipers’ en ‘vreters’ maken zichzelf arm, omdat deze mensen geen rem kennen en door blijven gaan en zo hun eigen ondergang bewerkstelligen.

De Bijbel leert ons ook, dat we deze mensen maar beter kunnen mijden.

 

Spreuken 23:29 t/m 35

(29) Bij wie is wee ? bij wie och arme ? bij wie het gekijf ? bij wie het geklag ? bij wie wonden zonder oorzaak ? bij wie de roodheid der ogen ?

(30) Bij degenen, die bij de wijn vertoeven; bij degenen, die komen om gemengde drank na te zoeken.

(31) Zie de wijn niet aan, als hij zich rood vertoont, als hij in de beker zijn verve geeft, als hij rechtop gaat;

(32) In zijn einde zal hij als een slang bijten en steken als een adder.

(33) Uw ogen zullen naar vreemde vrouwen zien en uw hart zal verkeerdheden spreken.

(34) En gij zult zijn gelijk een, die in het hart van de zee slaapt en gelijk een, die in het opperste van de mast slaapt.

(35) Men heeft mij geslagen, zult gij zeggen; ik ben niet ziek geweest; men heeft mij gebeukt, ik heb het niet gevoeld; wanneer zal ik opwaken ? Ik zal hem nog meer zoeken !

 

 

Hier worden we geconfronteerd met een tekstgedeelte, waarin alle kenmerken van zowel de gelegenheidsdrinker als van de alcohol-verslaafde worden genoemd.

(29) Hier worden een aantal oorzaken van drankgebruik genoemd en moeten we ons afvragen, bij wie deze dingen voorkomen. We zien het zelfbeklag, het ruziemaken, het oplopen van verwondingen zonder daarvoor een oorzaak te weten en ook nog de rooddoorlopen ogen van de dronkeman.

(30) Hier worden de antwoorden gegeven: Deze dingen komen dus voor bij de gebruikers van alcoholhoudende dranken. Dus zowel bij de wijn alsook bij de sterke drank.

(31) De wijn is door zijn kleur bijzonder aantrekkelijk voor velen en mensen spreken met trots over de pracht en schoonheid van dit product. Zie in gedachte de tallozen het glas omhoog heffen en de kleur en de afdronk van de wijn prijzen.

(32) Hoe verleidelijk een dergelijk glas wijn of andere drank ook kan zijn, hier ziet u de uitkomst daarvan. Het gaat werken als de beet van een adder en is niet zelden de oorzaak van iemands dood.

Een praktijkvoorbeeld: Een keurige zakenman, die elke avond twee glazen wijn dronk, had na enkele jaren wel zijn lever totaal verwoest en stierf als gevolg daarvan.

(33) De uitwerking van drank is niet zelden, dat men de controle over verstand en gedachten verliest. Morele waarden worden vaak naar de achtergrond geduwd en gebroken relaties het gevolg daarvan.

(34) Zie in gedachten de dronken mens langs de straat waggelen. Drank veroorzaakt heel vaak evenwichtsproblemen en de drinker wordt het onderwerp van bespotting.

(35) Velen kunnen zich de ochtend na drankgebruik niets meer herinneren van het gebeurde van een vorige avond. De politie heeft vele malen te maken met vechtpartijen (ook in de huiselijke kring) waarvan men zich niets kan herinneren.

En ondanks dat alles vraagt de gebruiker van dit vergif: wanneer ben ik weer ‘bij de mensen’ en weet dan eigenlijk zelf heel goed, dat hij dit gevaar toch weer op zal zoeken.

 

Ik heb zo het idee, dat u voor deze maand wel genoeg stof hebt om over na te denken. Volgende keer zullen nog meer Bijbelteksten worden bekeken. Tot zolang wens ik u allen Gods zegen toe.

 

 


 

© Kolonel W. Potuyt